Attesten, diploma's ...

Hierna volgt een opsomming van de diverse studiebewijzen die ingevolge beslissing van de klassenraad kunnen worden afgeleverd, naargelang van het geval op elk tijdstip van het schooljaar dan wel op 30 juni.
De afgeleverde studiebewijzen zijn van rechtswege geldend. 

1° Attest van verworven competenties : indien de jongere hetzij een module van een modulaire opleiding niet met vrucht heeft gevolgd, hetzij een niet-modulaire opleiding niet met vrucht heeft gevolgd.

2° Deelcertificaat : indien de jongere een module van een modulaire opleiding met vrucht heeft gevolgd. 

3° Certificaat : indien de jongere een modulaire of niet-modulaire opleiding met vrucht heeft gevolgd. Een attest van vrijstelling voor een of meer modules van een modulaire opleiding wordt gelijkwaardig beschouwd aan de deelcertificaten voor de desbetreffende modules, zonder dat de jongere deze deelcertificaten fysiek ontvangt; een kwalificatiegetuigschrift, destijds uitgereikt in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, is hieraan gelijkgesteld. Een certificaat kan maar behaald worden indien de jongere al de deelcertificaten van de betrokken opleiding heeft behaald, wat betekent dat hij/zij al de modules in de opleiding ook effectief en met vrucht heeft gevolgd.

Aandacht : vermits zelfde modules in verschillende opleidingen kunnen voorkomen, kan de situatie ontstaan dat een bepaalde reeks modules enerzijds een afzonderlijke opleiding vormt met een bepaald administratief groepsnummer en anderzijds een onderdeel vormt van een bredere opleiding met een bepaald (ander) administratief groepsnummer. In beide gevallen leidt het geslaagd zijn voor de desbetreffende reeks modules tot toekenning van een certificaat. Een leerling kan niet tezelfdertijd aan twee administratieve groepsnummers worden gekoppeld. In het geval dat de reeks modules onderdeel zijn van een bredere opleiding wordt voormeld certificaat uitgereikt in een opleiding waarin de leerling administratief niet is ingeschreven; het certificaat dat wordt uitgereikt indien de leerling - na bijkomende modules te hebben doorlopen - slaagt in de bredere opleiding (dus het tweede certificaat) stemt daarentegen wel overeen met het administratief nummer van de opleiding waarin de leerling is ingeschreven. Bv. een leerling wordt ingeschreven hetzij in de opleiding machinaal houtbewerker met nr. 37127 hetzij in de opleiding interieurbouwer met nr. 37125, waarvan de modules die overeenstemmen met machinaal houtbewerker onderdeel vormen. Van zodra de leerling geslaagd is voor de modules van de opleiding machinaal houtbewerker, ontvangt hij een certificaat, ook indien hij is ingeschreven in de opleiding interieurbouwer. 

4° Getuigschrift van de tweede graad van het secundair onderwijs : indien de jongere

a) met uitzondering van de eerste graad, ten minste 2 schooljaren in het secundair onderwijs of in de leertijd heeft doorgebracht, en

b) ten minste één certificaat heeft behaald, en

c) ingevolge een beslissing van de klassenraad, in voldoende mate de doelstellingen die in het leerplan zijn opgenomen, heeft bereikt en aldus voldaan heeft voor het geheel van de vorming. 

5° studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs : indien de jongere

a) met uitzondering van de eerste graad, ten minste 4 schooljaren in het secundair onderwijs of in de leertijd heeft doorgebracht, en

b) ten minste één certificaat heeft behaald, en

c) ingevolge een beslissing van de klassenraad, in voldoende mate de doelstellingen die in het leerplan zijn opgenomen, heeft bereikt en aldus voldaan heeft voor het geheel van de vorming. 

6° Diploma van secundair onderwijs : indien de jongere

a) met uitzondering van de eerste graad, ten minste 5 schooljaren in het secundair onderwijs of in de leertijd heeft doorgebracht, en

b) in het bezit is van een getuigschrift van de tweede graad van het secundair onderwijs, en

c) ten minste één certificaat heeft behaald, en

d) ingevolge een beslissing van de klassenraad, in voldoende mate de doelstellingen die in het leerplan zijn opgenomen, heeft bereikt en aldus voldaan heeft voor het geheel van de vorming.

Aandacht : de algemene vorming, voor zover gebaseerd op de eindtermen van het voltijds beroepssecundair onderwijs enerzijds en de beroepsgerichte vorming anderzijds, volgen elk een eigen spoor waarin de studievoortgang niet per se gelijktijdig verloopt. Dit is het gevolg van het feit dat het werken rond eindtermen facultatief is in DO, nl. uitsluitend in het geval leerlingen de studiebewijzen van het voltijds secundair onderwijs ambiëren, en van het feit dat de structuur van het DO graden noch leerjaren kent. M.a.w. het kan dat het traject van een jongere binnen de beroepsgerichte vorming al veel verder is gevorderd dan zijn traject algemene vorming, of vice versa. Dit vertaalt zich naar de bovenstaande bepalingen dat voor elk studiebewijs voltijds secundair onderwijs dat in het DO kan worden behaald, steeds ten minste één certificaat is vereist, maar dat hetzelfde certificaat op zich kan volstaan om achtereenvolgens of gelijktijdig (!) het getuigschrift tweede graad, het getuigschrift derde graad en het diploma secundair onderwijs te behalen. Het behalen van die 3 studiebewijzen wordt inzonderheid gedetermineerd door de factoren "studieduur" en "in voldoende mate bereiken van de leerplandoelstellingen (incl. eindtermen)", naar analogie met wat geldt in het voltijds onderwijs.

 

Deeltijdse vorming (DV).

Aan een jongere die een persoonlijk ontwikkelingstraject heeft gevolgd, wordt door het CDV een attest van verworven competenties binnen een persoonlijk ontwikkelingstraject uitgereikt.

Het attest vermeldt op gedetailleerde wijze de stappen van het persoonlijk ontwikkelingstraject die met vrucht werden doorlopen.